Hoe we op onze boerderij in Frankrijk terechtkwamen

overview schrijverstuin

Hoe we op onze boerderij in Frankrijk terechtkwamen

Wanneer Santi en ik elkaar in 2003 ontmoeten in Ierland en onze relatie beginnen hebben we letterlijk niets. Geen stoel om op te zitten, geen kleren om aan te trekken, geen haar op ons hoofd en geen euro in onze zakken. In Ierland vinden we gemakkelijk werk en na een paar jaar hebben we weer wat euro’s op de bank. Praktisch gezien krijgen we ons leven weer wat op orde, maar in de voorstad van Dublin waar we wonen, missen we het platteland, rust en fluitende vogels verschrikkelijk. We beloven onszelf dat we, zodra het kan, teruggaan naar een leven op het platteland. In 2005 is het zover. Bij toeval worden we weer teruggeworpen in de armen van la douce France. We kopen een tweedehands rood Ford Fiestaatje en gaan op weg. Van vrienden kunnen we een idyllisch stenen huisje met blauwe luiken huren in een hazelnootboomgaard vlakbij Duras, om de hoek van het klooster waar we elkaar ontmoet hebben.
Werk is in Frankrijk niet zo gemakkelijk te krijgen als in Ierland. Ons kent ons op het Franse platteland. Er is geen uitzendbureau met een scala aan baantjes. Je krijgt een baan, omdat iemand die je kent iemand anders kent en enthousiast vertelt dat je een harde werker bent waarop de andere persoon zegt dat hij toevallig nog iemand zoekt. Het duurt dus een tijdje voordat we weer werk hebben gevonden en de financiën dalen snel weer naar een voor mij zorgelijk dieptepunt. Santi maakt zich altijd minder zorgen dan ik. Ik wijd het aan zijn vluchtelingenachtergrond. Ze hadden nooit iets en het kwam altijd goed. Als je altijd wat hebt gehad, maak je je meer zorgen wanneer het bijna weg is. Dus, wanneer we nog 50 euro hebben en nog tien dagen te gaan tot het einde van de maand, roep ik dat dat verse croissantje van de bakker er niet meer af kan, terwijl Santi zegt: “50 Euro! Kom, we gaan uit eten!” Uiteindelijk vindt Santi seizoenswerk bij een boomkweker en ik vind parttime werk als secretaresse voor een makelaardij. We vullen de portemonnee bij met het schoonmaken van vakantiehuizen en het maaien van gras. We leven weer buiten en dat is heerlijk. We genieten van de zon op onze huid, van de frisse lucht, van de geluiden van de natuur om ons heen.
Van onze eerste verdiende Franse centen kopen we een kettingzaag om hout te zagen voor de kachel waar we in de winter voor zitten om boeken te lezen en kopjes thee te drinken met een paar vrienden uit de buurt. Ik begin een groentetuintje en herinner me hoe mijn opa mij als kind meenam naar zijn groentetuin en mijn armen vollaadde met sla, bonen en tomaten. Met oma zat ik om de kleine keukentafel en dopten we prachtige roze gekleurde Stiense bonen. Maar dan was het etenstijd en kwam de eeuwige worsteling. Ik walgde van groenten, vond ze echt vreselijk vies. Het enige wat ik lekker vond was brood met hagelslag of katenspek, kip en toetjes. Prachtig om mee te spelen die gekleurde bonen, maar niet om in je mond te stoppen. Met mijn kleine kindervork prikte ik wat in de groenten op mijn bord en duwde ze wat heen en weer, eigenlijk op zoek naar een oorwurm of een ander klein beestje dat niet uit de groente gewassen was en zich nu verstopte op mijn bord. Wanneer ik geluk had er eentje te vinden, hoefde ik namelijk mijn bord niet leeg te eten. Jammer genoeg vond ik heel vaak niks. Plan twee was meer appelmoes. Oma ging dan naar de kelder die boordevol ingemaakte potjes lekkers stond en haalde er zelfgemaakte moes voor mij. Ik wist dat ik mijn hele bord leeg moest eten bij oma want de regel was: pas een toetje als je bord leeg was. Bovendien werd het toetje in hetzelfde bord gegoten, dus dat bord moest echt leeg, want niets is zo vies als een restje aardappels dat in je gele vla dobbert. Met veel gezucht en veel appelmoes probeerde ik niet te kokhalzen. Oma glimlachte altijd geduldig en beloofde me spelletjes ganzenbord en memory wanneer ik mijn bord leeg had. Oma had vast niet kunnen raden dat ik later gepassioneerd van groenten zou gaan houden. Zoveel zelfs, dat ik acht jaar vegetarisch zou worden en nog twee jaar veganistisch en daarna zelfs zelf dieren en groenten zou gaan houden en verbouwen. Ik denk graag dat opa’s en oma’s hartstocht voor het land ook door mijn aderen vloeit. Het heeft gewoon even geduurd voordat ik het herkende.
In ons idyllische plattelandshuisje in Frankrijk bloeit de liefde voor de natuur op. Het liefst eten we biologisch maar helaas lukt dat niet helemaal, vanwege onze financiën omdat biologische producten vaak twee keer zo duur zijn. Wel kunnen we zakjes zaad kopen en onze eigen groenten proberen te kweken. Uit noodzaak en vanuit ons oprecht verlangen naar gezonde voeding werken we dus hard aan onze eigen tuin. Peultjes en tomaten die we zelf hebben geplant, waartegen we gekletst hebben en waar we liefdevol voor gezorgd hebben. Zo’n zaadje te zien ontspruiten en opgroeien tot een plant onder onze zorg is magisch en vervolgens krijg je dan ook nog tomaten als cadeau! En wat voor tomaten: de lekkerste tomaten ooit! Ons eerste Franse tuintje verandert iets in ons. Na een lange tijd van niet weten welke kant we op willen met ons leven ontspruit er langzaam een richting. Lekker buiten grasmaaien bij vakantiehuizen is helemaal niet erg, maar niet voor de rest van ons leven. We hebben veel geleerd van onze tijd in het klooster, we zorgen graag voor mensen en luisteren met liefde naar hun verhalen. We draaien onze hand er niet voor om voor 40 man een lekkere maaltijd op tafel te zetten. We zijn er goed in om mensen zich snel welkom en thuis te laten voelen. In het klooster hebben we jarenlang dag in dag uit de oefening van mindfulness gevolgd en beiden mediteren we al meer dan 25 jaar. We weten uit ervaring hoe gunstig en hoopgevend het is voor mensen om tijd te nemen voor jezelf en tot rust te komen. Een omgeving waar veel nieuws en een overdaad van social media prikkels vervangen wordt door een menu van alleen natuur, zingende vogels, eerlijk eten, een goed gesprek misschien, aangevuld met een boekje in de hangmat, een yogaklasje of een massage, doet wonderen voor de ziel. Langzaam vormt zich een beeld in ons hoofd dat wil ontkiemen en bloeien tot werkelijkheid.
Ik werk parttime voor een makelaardij en een van mijn taken is alle huizen die op de markt te koop komen op de website te zetten. Op een dag komt er een huis te koop. Een kasteeltje voor een belachelijk lage prijs. Santi en ik besluiten voor de gein langs te rijden en stiekem sluipen we de tuin in. We staan stil te kijken en zeggen dan bijna tegelijkertijd: ”Nou, dit plekje zou het zomaar kunnen zijn.” Die nacht kan ik niet slapen en in een paar uur schrijf ik een businessplan dat ik e-mail naar vrienden en familie. Het is een eerste stap op weg om onze droom te verwezenlijken en we vinden hulp bij mijn zus Esther en haar man. Samen met hen werken we het businessplan verder uit. Net als in een recept gooien we ingrediënten in een snelkookpan. Een toeristenbestemming waar mensen in een bijzondere omgeving kunnen overnachten. Een plek waar ze tot zichzelf kunnen komen en kunnen genieten van lekker eten, massages en het platteland. Een plek die kan dienen als groepsruimte voor bijvoorbeeld een yoga- of schrijfweek. Een grote eigen groentetuin. Een plek die ons een leven op het platteland verzekert en waar we een inkomen uit kunnen halen om van te leven. Eruit komt Simply Canvas. Een boerderij met minicamping bestaande uit zes luxe safaritenten en drie huizen om te verhuren, een zwembad en vijf hect

 

are land waarop we zoveel kunnen tuinieren als we maar willen. Gek genoeg op vijf minuten afstand van het klooster waar we elkaar ontmoet hebben.

 

 

(Uit boek: Op Scheppen! Een boek vol permacultuur, anekdotes en recepten van een boerderij in Frankrijk. Te koop bij www.anoda.nl/shop)

Sandra Schrijft

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *