Fantastische uitvinding in een kartonnetje

Wijngaarden

Fantastische uitvinding in een kartonnetje

Het is een zwoele heldere avond in oktober. Zo eentje waar de dagen nog voelen als lente, maar de nachten de winter al aankondigen. Het is tien uur ’s avonds en vanuit ons huis loop ik naar buiten de nacht in. Even blijf ik stilstaan. Plattelandse nachten zijn stik- en stikdonker, zeker op maanloze nachten als deze. Ik kan Santi niet zien, maar ik hoor het gerinkel van zijn sleutels wanneer hij de deur van de auto openmaakt. Ik hef mijn hoofd op en terwijl ik uitadem blaas ik de eerste koude wolkjes van het seizoen uit, alsof ik een sjekkie van frisse lucht rook waarvan ik al wolkjes uitpuffend sta te genieten.

Ik hoor de motor van de auto starten en dat is mijn teken om naast Santi te springen. We gaan Dao en Sabrina ophalen van het treinstation in Libourne, een stadje een uur bij ons vandaan. We hebben Santi’s neef en zijn vrouw al bijna een jaar niet gezien en hebben zin om een weekend bij elkaar te zijn.

Terwijl de auto voortzoeft over stille donkere wegen en langs kleine dorpjes met verlichte ramen, babbelen we er samen op los. Langzamerhand begin ik wat ongemakkelijk te schuiven op mijn stoel. Ik voel de welbekende druk op mijn blaas vergroten. Het was toch wel handig geweest als ik voor vertrek even was gaan plassen. Halverwege de reis hou ik het echt niet meer. “Schat, ik ga Libourne niet halen, ik moet nu piesen!” Santi kan een ongeduldige kreun niet binnenhouden, maar weet ook dat het geen zin heeft om met een volle blaas in discussie te gaan.

Ineens gaat me een lichtje op en ik begin driftig in mijn damestasje te graaien. Ja hoor, daar is ie. Triomfantelijk houd ik een langwerpig, plat kartonnetje voor Santi’s neus waarop met grote rode letters “The Whizz” staat geschreven. Ik heb het ding ooit eens in een opwelling gekocht en al minstens een jaar zweeft het tussen bonnetjes, pennen, mijn portemonnee en een gerafelde ongebruikte tampon in mijn tasje. The Whizz is een kartonnen uitvinding die je tot plastuit kunt uitvouwen en dan belooft hij vrouwen de mogelijkheid om net zo mooi rechtop in de natuur te kunnen plassen als mannen. “Kijk eens!” roep ik uit. “Kan ik eindelijk whizzen gaan uitproberen!”

Santi rolt met zijn ogen en met een “sure honey”, slaat hij ter hoogte van het wereldberoemde wijngebied Saint Emilion een landweggetje in. Aan de rand van een gaard vol duizenden wijnranken waar net weer een druivenoogst geproduceerd is die gebotteld gaat worden tot flessen vol felbegeerde grand cru wijnen, stoppen we voor mijn nu hoogstnoodzakelijke experiment. Terwijl ik een paar meter tussen de wijnranken naar achteren loop om mijn blote billen niet te laten oplichten door een enkele voorbijkomende autokoplamp, frummel ik het kartonnetje tot het beloofde plastuitje. Vanuit de auto hoor ik Santi geamuseerd roepen: ”Oh for god sake, just squat down and pee.” Maar er is me een soort koppige vastbeslotenheid overvallen en ik wil deze in theorie fantastische kartonnen uitvinding nu ook eens aan de werkelijkheid toetsen en waar beter dan onder duizenden sterren een wijnplant een beetje extra water en voedsel geven met een gezonde dosis plas. Ik grinnik wanneer mijn fantasie op hol slaat en ik 10 jaar in de toekomst een wijnfijnproever voorzichtig een 150 euro kostende fles zie opendraaien en de rode nectar door zijn mond laat draaien: “ummmm… ik proef een vleugje amandel, sinaasappel en… een lichte zoutigheid die ik niet helemaal thuis kan brengen…”

Maar even concentreren nu, kartonnen tuitje flink aandrukken en daar gaan we. Ik produceer een voorzichtige eerste straal. “Liefie, dit is fantastisch!” Roep ik uit. “Ik pies als een echte vent!” Vol vertrouwen bewater ik nu met volle kracht vooruit een trotse wijnplant voor de voeten, maar dan word ik me gewaar van iets warms wat zich met hoge snelheid een weg langs mijn linkerbeen naar beneden zoekt. Een warm straaltje pies glibbert mijn slippers in en sijpelt het gras door. “Oh Fuck!” Ik probeer de schade te beperken door met grote snelheid mijn broek op mijn enkels te laten zakken en in de vertrouwde, hurkende positie mijn blaas verder te legen. Beteuterd hijs ik mijn broek weer omhoog. Met grote O-benen, om niet al te veel mijn nu koud geworden natte broek tegen mijn benen te laten kleven, strompel ik terug naar de auto, waaruit een luid lachsalvo naar buiten komt. “Beetje rampzalig experiment” mompel ik grinnikend een van de slappe lach gebogen Santi toe, terwijl ik me zachtjes laat zakken op de autostoel die gelukkig van leer is.

Dan herinner ik me ineens de goede raad van de verkoopmevrouw van de Bevers buitensport winkel waar ik mijn begeerde kartonnetje ooit kocht. “Ik zou van tevoren even een keertje oefenen voor je het echt nodig hebt, het is even een handigheidje dat je je eigen moet maken.”

 

Uit: Op Scheppen; Een bord vol permacultuur, anekdotes en recepten van een boerderij in Frankrijk
door: Sandra Alderden

 

Sandra Schrijft
1 COMMENT
  • Els
    Beantwoorden

    Ohhh jee…. ik zie het al helemaal voor me! Balen!!!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *